Voorbeeldfunctie
De pedagogisch medewerker heeft een duidelijke voorbeeldfunctie. Jonge kinderen krijgen een omgeving geboden die nagebootst kan worden. In gewoontevorming, gedrag en bezigheden. De pedagogisch medewerker is hierin zelf vaak bewust en onbewust een middelpunt. Het jonge kind bootst alles na, wat een grote verantwoordelijkheid schept. In de BSO dragen pedagogisch medewerkers een voorbeeldfunctie in hun verhouding tot de wereld. Waar iemand goed in is en wat hij uit persoonlijke ervaring kan vertellen of leren, telt hier zwaar voor de kinderen. 

Religiositeit
Religiositeit betekent hier ‘weet hebben van een geestelijke wereld die meewerkt aan en betrokken is bij het leven op aarde, en de verbinding met die wereld verzorgen.’ Dit doen we door eerbiedvolle aandacht te hebben voor alles wat leeft, maar ook door ons bewust te zijn van de wijsheid die werkt in de ritmen van de wereld en bewust een plek te geven aan dag-, week- en jaarritme. Jonge kinderen zijn nog verbonden met de geestelijke wereld waar ze vandaan komen, en hebben die eerbiedvolle aandacht nog van nature. Dit uit zich bijvoorbeeld in de volle aandacht die een miertje of een steentje krijgt.

Een kind is voor ons geen onbeschreven blad, maar iemand die ergens vandaan komt en op weg is ergens naartoe. Iemand die hier niet toevallig is, maar met bepaalde voornemens is gekomen. Wat het kind de wereld te bieden heeft (talenten) en wat het nog wil leren (onvermogens) is in aanleg (als kiem) aanwezig.

'Pedagogisch medewerkers zorgen in de kinderopvang voor goede omstandigheden zodat de kiemen kunnen ontspruiten om later echt te voorschijn te komen'.